|
Bevolkingscijfers Er is veel gespeculeerd over wat er in die tijd op Enggano is gebeurd, en waarom de bevolking zich nooit heeft hersteld tot haar eerdere peil. Rapporten van burgerlijke koloniale ambtenaren en artsen die het eiland bezochten, maken wel duidelijk dat ziektes een belangrijke rol speelden in de decimering van de Engganese bevolking. Ze noemen cholera, malaria en geslachtsziektes als boosdoeners. Hele dorpen werden praktisch van de kaart geveegd, lokale sociale netwerken stortten volledig in en het geloof in de traditionele religieuze en wereldlijke waarden nam waarschijnlijk af. Documentatie ontbreekt, maar er zijn aantekeningen van verschillende auteurs over afnemende bevolkingscijfers en veel miskramen, die suggereren dat het bevolkingscijfer na deze periode langzaam af bleef nemen. De Nederlandse autoriteiten trachtten de situatie onder controle te krijgen door het sturen van artsen, die moesten proberen de oorzaak te achterhalen. Later, in het begin van de twintigste eeuw, stimuleerden de autoriteiten ook migratie van Sumatra en Java naar Enggano, een beleid dat na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1945 een specifiek vervolg kreeg van de Indonesische autoriteiten. In 1961 besloot de Indonesische overheid dat Enggano een reclasseringscentrum moest worden voor jeugdige en jong-volwassen misdadigers uit Java [11]. Binnen twee jaar werden zo'n 2600 van deze dwangarbeiders naar Enggano overgebracht. De oorspronkelijke bevolking op dat moment wordt geschat op slechts 400 mensen. Het grote verschil in aantallen toont hoe groot de impact van de komst van deze 2600 immigranten op de lokale gemeenschappen geweest moet zijn. Spanningen tussen de Engganese bevolking en de nieuwkomers waren onvermijdelijk. Ondanks dat waren er ook positieve aspecten. De jonge Javaanse misdadigers kapten op enkele plaatsen de bossen om plaats te maken voor natte rijstvelden. De hieruit resulterende oogst vormt een welkome toevoeging aan het lokale dieet. Maar aangezien de productie niet voldoende is, wordt er nog steeds rijst uit Bengkulu geïmporteerd. De laatste Indonesische statistieken, verkrijgbaar bij het Kantor Statistik in Bengkulu, geven aan dat er in 1989 op Enggano 1420 mensen woonden. Het interessante hieraan is dat slechts 35,85 procent van de bevolking zei dat ze tot de suku Koomayk behoorden. Dit is een clan die speciaal was gecreëerd om de immigranten op te nemen. De andere 64,15 procent beweert te behoren tot een van de oorspronkelijke Engganese suku. Dit betekent dat de oorspronkelijke bevolking weer in aantal aan het toenemen is. De oorzaak voor deze ontwikkeling zal echter bij veel gemengde huwelijken gezocht moet worden. Het allerlaatste bevolkingscijfer (maart 1994), afkomstig van de Puskesmas [12] op Enggano, komt op een inwonertal van 1635. |