Gemoedsstemmingen van liefde III. Het Indiase concept van liefde

III. Het Indiase concept van liefde
Liefde, een van de favoriete thema's van de Pahari-schilderkunst, is een onderwerp waarbij alle poignante aspecten van pijn en genot worden opgeroepen en afgebeeld. De Indiase filosofie verheerlijkt liefde als een alomvattend principe, namelijk het kosmische verlangen en de eerstgeborene uit de oorspronkelijke chaos, die aan het begin van de tijd verrezen is om als katalysator in het universele scheppingsproces te fungeren [18] . De Indiase literatuur, zowel de religieuze als de wereldlijke, bevat veel zinspelingen op de geestelijke en fysieke liefde, evenals een groot scala aan seksuele symboliek. Seksueel genot heeft men altijd gezien als een essentieel aspect van het leven van de mens, waarvoor ieder gedurende de periode van zijn bestaan dient te zorgen. De Kamasutra beschrijft en classificeert een veelvoud aan minnespelen die een maximum aan seksueel genot teweeg zouden brengen [19]. In dergelijke verhandelingen worden de waardering van schoonheid (in alle opzichten) en de kennis van de wetenschap van de liefde, gericht op het kunnen geven en ontvangen van fysiek genot en geluk, speciaal benadrukt als zijnde essentiële waardevolle eigenschappen van een ontwikkeld persoon.

Jayadeva en andere beroemde middeleeuwse dichters weidden uit over de passie tussen herder-god Krishna en zijn favoriete herderinnetje Radha, en brengen de niveaus van fysiek en spiritueel genot met elkaar in verband. Krishna's liefdesverhouding met Radha is gecondenseerd tot een religieuze extase. Zijn spirituele intimiteit, die hij, tegelijk met alle wezens op universele schaal, met een individu had, wordt uitgedrukt door de sensualiteit van zijn liefdesrelatie met Radha. Krishna en Radha zijn de dragers geworden van erotische emotie, met het bijbehorende genot en hartzeer, die uiteindelijk leidt tot een hemels genieten van liefde. De esthetische ervaring van deze liefde is het middel om denkbeeldige barrières die mensen van het bovenaardse scheidt, te doorbreken [20].

Indiase verhandelingen over liefde en het gedrag van minnaars beschouwen Krishna en Radha geregeld als hun geïdealiseerde onderwerp. Dichters en redekunstenaars classificeren minnaars (nayakas en nayikas) naargelang hun temperament en omstandigheden. De gelukkige en verenigde minnaars (samyoga) vormen een van de twee ruime categorieën, in tegenstelling tot degenen die moeten lijden onder de pijn van het scheiden (viyoga of viraha). Men komt Krishna en Radha vaak in de rollen van nayaka en nayika tegen. Op dezelfde manier zijn mooie vrouwen van tere schoonheid en elegante pas, getroffen door liefde en door de verschillende gevoelens van liefde, ook getrouwe weerspiegelingen van Radha, het eenvoudige melkmeisje en de geliefde van God [21].


<< terug        verder >>


 
scroll naar beneden  scroll naar boven